Ons blaffend welkomstcomité

Van sommige landen heb je een voorstelling, van andere veel minder. Voor mij is zo’n onbekend land Roemenië. Natuurlijk, ik heb er wel iets van beeld bij. Maar al met al niet veel. Het hoort bij de Europese Unie, het heeft een wilde natuur en het ligt aan de andere kant van Europa. De streek Transsylvanië roept daarnaast allerlei beelden op van Dracula. Al blijkt de gelijknamige iconische film van Bram Stoker – hoe ironisch – heel ergens anders geschoten te zijn. Verder moet ik het tot mijn schaamte doen met lelijke vooroordelen. Je hoort wel eens wat over gestolen auto’s die richting deze contreien verdwijnen. Althans, dat wordt gezegd.

Geen weg terug

Mijn onwetendheid en vooroordelen sneuvelden op een warme herfstmiddag als sneeuw voor de zon. Dichtbij de Transsylvanische stad Sibiu besloten we op een middag een mooie wandeling te gaan maken in de heuvels. Via een steil pad kronkelden we steeds hoger de heuvels in. Verre uitzichten over de omgeving, maakten plaats voor doorkijkjes door beukenbossen gehuld in prachtige kleuren. Eenmaal boven liepen we tussen golvende weilanden met her en wat verlaten huisjes. Veel activiteit was er niet: een grazend paard in een zee van zon.

Nadat we de kronkelweg door de weilanden wat verder gevolgd waren, bleken we toch minder alleen dan gedacht. Op het moment dat we tevoorschijn kwamen achter een klein heuveltje snelde een waar welkomstcomité ons tegemoet. Zeven grote honden naderden ons wild blaffend in sneltreinvaart. Omkeren kon niet meer. Wegrennen evenmin. In een kwestie van seconden stond de roedel om ons heen, de tanden ontbloot, klaar voor de confrontatie. Toen zagen we in de verte iemand aansnellen. Het was een oude boer die zijn honden tot de orde riep en ons met handgebaren kenbaar maakte dat we gewoon door konden lopen.

Onverwacht welkom

Misschien dat hij zich wat schaamde voor het kordate optreden van zijn honden, hoe dan ook nodigde hij ons uit voor een kop thee bij zijn eenvoudige huisje in de heuvels. De welkome toon van de boer transformeerde de roedel tot een uitgelaten escorte. Kwispelend en opgetogen verwelkomden ze ons in hun territorium. Een plek waar, zo bleek later, wandelaars een zeldzaamheid zijn.

Elkaar verstaan ging moeilijk. Dat kenden we al uit een eerdere kleurrijke ontmoeting in Polen. Toch kwamen we redelijk snel behoorlijk wat over de boer te weten. Hij bleek halverwege de zeventig te zijn en in een eerder leven als vrachtwagenchauffeur door communistisch Europa te hebben gereden. Sinds een paar jaar woonde hij hier boven in de heuvels. De honden waren voor hem aangenaam gezelschap aangezien zijn vrouw was overleden. Bovendien waren ze ideaal om de beren in het gebied op afstand te houden.

Hartelijkheid en eenvoud

We waren geraakt door het eenvoudige en toch ook harde bestaan van de man. Maar ook door zijn vriendelijkheid en generositeit. Toen we een klein uurtje later weer op weg gingen gaf hij ons wat munt mee voor de thee. Zelf aangeplant bij het beekje dat langs zijn huis stroomt. Ook stopte hij ons een appel toe voor de terugweg naar beneden het dal in.

Voordat ik in Roemenië kwam wist ik niets van het land. Na anderhalve week is dat nog steeds weinig. Toch heeft de ontmoeting in de heuvels het land voor mij kleur gegeven. Het heeft iets veranderd. Een vaag gevoel heeft een gezicht gekregen. Een gezicht van welkom, een gezicht van delen.

– Thijs –