Reizend thuis

We zijn terug in Nederland. Onze vierkante meters zijn iets groter geworden: we zijn tijdelijk bij familie in Diepenheim. Daar hebben we een kleine eigen ruimte om op onszelf te kunnen zijn en te werken. We vinden het erg fijn hier in dit mooie dorp middenin de natuur. Maar het is een tussenstap. Gedeeltelijk zijn we nog steeds op reis en dat voelt goed. We zijn dankbaar dat we met deze natte kou niet meer in ons busje zitten en dat we het gezellig hebben met mensen waarvan we houden.

Aosta, Noord-Italië, op weg naar Nederland.

Het voelt goed om weer familie en vrienden te zien. Hoewel we ons onderweg in Europa ook juist verbonden voelden met het thuisfront in Nederland is het heerlijk om mensen weer in levende lijve te zien. Dit fijne weerzien van mensen zal nog wel even duren de komende maanden. We kunnen (en willen) niet alles tegelijk. Steeds als we ergens in het land zijn, zoeken we een aantal familieleden, vrienden en bekenden op.

Bourgogne, Frankrijk, hoe dichterbij huis, hoe kouder.

Thijs en ik zijn beiden ook bezig ons werkende leven op te starten. Vanuit de basisrust van onze reis hebben we beiden veel inspiratie om aan te slag te gaan. Ik ga weer verder met mijn bedrijf Moondance. Daarin wil ik me scherper profileren als strategisch en verbindend gespreksleider (sessies, dagvoorzitter) en idee-optimist waarin ik ideeën van anderen verder breng, aanscherp of aanvul. Meedenken met de ander voelt voor mij als een tweede natuur. Thijs zoekt een nieuwe baan die hij wil combineren met zijn eigen wandelbedrijf waarin hij mensen wil helpen hun eigen wijsheid en eigenwijsheid naar boven te wandelen. Kortom: we zetten beiden mooie stappen.

Diepenheim, prachtige wandelgebieden.

Naast dit alles gaan we rustig op zoek naar een eigen huis. Zoals we eerder schreven, willen we uiteindelijk een buitenplek creëren waar woorden als gastvrijheid, rust en talenten delen centraal staan.

Door dit alles staat onze landing in Nederland niet in groot contrast tot onze reis. Ons fijne samenzijn in de bus zetten we hier door: trouw aan onze passie, leven vanuit wat ons toevalt en in verbinding met anderen en openstaan voor nieuwe spannende initiatieven. We gaan zien wat er zich ontvouwt. Waar we ook zijn, we zijn altijd thuis.

– Barbara –

Thuis(ge)komen

We zijn in Sicilië, morgen is het kerst. Het einde van het jaar nadert. Voor mij elk jaar een moment van bezinning, terugkijken en van nieuw begin. Dit jaar in het bijzonder: na Oud en Nieuw (dat we vieren met dierbare familieleden en hun Siciliaanse familie) reizen we terug naar Nederland. Het is dus de laatste ‘normale’ week van onze reis. Het geeft me een gevoel van zowel melancholie als verlangen.

Hier vieren we kerst, in een zonovergoten citroenboomgaard, Noto, Sicilië

Mijn verlangen gaat over het terug zijn in ons eigen mooie land. We zien uit naar ons leven daar. Heerlijk om familie en vrienden weer te zien. Ook hebben we zin om te gaan werken aan de vele ideeën die we onderweg hebben gevonden. We zitten boordevol inspiratie en energie. Over onze toekomstige manier van wonen hebben we eerste ideeën en dromen, we schreven er vorige week al over.

Maar er is ook melancholie. Het is zo bijzonder om even helemaal geen planning te hebben: om te leven van wat er op je pad komt. Ook ervaren we dingen onderweg echt anders dan thuis. Zo is het in Sicilië in de ochtend fris voordat het zonnetje doorbreekt. We staan op met het licht en ontbijten bij een graad of drie. Niks voor mij, koukleum die ik ben. Maar gek genoeg stoort het me niet. Alsof ongemakken worden gecompenseerd door het mooie van de natuur. Het is heerlijk om buiten te leven. De maan en de sterren te zien, het dauw op het gras en de wisselende landschappen. Echt onbetaalbaar. Het zal wennen zijn om straks weer meer binnen te zijn.

In de buitenlucht sinaasappels persen, zelf geplukt van de boom, Calabrië, Italië

Wellicht klinkt het spannend om voor langere tijd met je partner te leven op de vierkante meter. Zo houden wij ervan om dingen samen te doen, maar hebben we beiden tegelijkertijd sterke behoefte aan eigen ruimte. Toch gaat het als heel vanzelf. We hebben het gezellig met elkaar en zijn enorm op elkaar ingespeeld in ons piepkleine huishouden. Ook raken we niet uitgepraat over dingen die we zien, voelen, of ergens lezen. Bovenal hebben we veel lol met elkaar. Natuurlijk zijn er ook irritaties, al zijn die doorgaans weer snel weg: er is simpelweg geen ruimte voor.

Samen genieten van de vruchten uit zee, Noto, Sicilië

De liefde heeft zich ook verdiept met familie en vrienden in Nederland. De communicatie met mensen in Nederland is minder frequent (ik wil niet de hele tijd online zijn), maar als er contact is, is dat over het algemeen intenser. Het maakt mij dankbaar om zoveel warmte, liefde en vriendschap om ons heen te voelen. Daarnaast hebben we de nodige interessante en mooie mensen onderweg ontmoet. Met een aantal hebben we nog steeds online contact en is er vriendschap ontstaan. We zullen hen zeker vaker ontmoeten in de toekomst.

We komen binnenkort letterlijk thuis, maar gevoelsmatig merk ik dat ik al thuis gekomen ben. Het geeft een dankbaar en tevreden gevoel.

– Barbara –

Sicilië is niet alleen figuurlijk de kers op de taart….  Een overheerlijk Siciliaanse lekkernij: cannoli

Gevonden worden

Voor vertrek kreeg ik weleens de opmerking: ‘Ik hoop dat je vindt waarnaar je op zoek bent.’ Goed bedoelde woorden, betrokken en uit een warm hart ook. Toch kon ik er maar moeilijk mee uit de voeten. Vinden wat ik zoek? Eerlijk gezegd ben ik niet op reis gegaan om iets te vinden. Eigenlijk was ik best tevreden: we woonden prachtig. Ik bof met familie, schoonfamilie en vrienden. Ook mijn collega’s op de universiteit mag ik stuk voor stuk erg graag. Kortom: niets om voor weg te rennen.

Uit eten vlak voor vertrek, niets om voor weg te rennen, Diepenheim.

Gekozen onzekerheid

Maar waarom op reis dan? Waarom mijn vertrouwde inbedding een tijdje loslaten en kiezen voor onzekerheid? Is dat niet stom? Weten wat je hebt biedt een comfortabele positie. Als je min of meer opnieuw begint moet je daarentegen maar kijken welke kaarten je krijgt toebedeeld. Het risico op falen of met minder te eindigen is veel groter dan wanneer je vasthoudt aan het oude. Helemaal waar: dat risico is er. Aan de andere kant is er ook de mogelijkheid om dingen te laten gebeuren, die mijn – die ons – leven op ongekende wijze kunnen verrijken.

Inspirerende schrijfomgeving, Harris, Schotland.

Een tijdje leven in onzekerheid klinkt ongemakkelijk. We zijn het niet gewend: onze Nederlandse samenleving doet er alles aan om het ongewisse weg te filteren en te beteugelen. We begraven ons collectief onder een berg van regeltjes en wetten. Iedere persoon dient daarnaast haarfijn zijn carrièrepad uitgestippeld te hebben, zodat je weet waar je de komende vijf jaar aan kunt werken. Natuurlijk, dat levert ons veel op: in materieel opzicht gaat het ons voor de wind. Veel minder oog is er echter voor wat uit het zicht raakt: de gedachte dat het onbekende ook een grote bron van rijkdom is, als je je durft over te geven en vragen een tijdje vragen durft te laten zijn.

Onverwachts geschenk

Veel interessanter vind ik dan ook de vraag: ‘Wat heeft mij – ons – gevonden gedurende onze reis? Er zijn twee woorden die me onmiddellijk te binnen schieten, welke ik hoop mee terug te nemen naar Nederland om daar verder uit te vouwen: ‘gastvrijheid’ en ‘eenvoud’. Barbara schreef al eerder over verschillende mooie ontmoetingen die we hebben gehad onderweg. Keer op keer viel ons op de meest onverwachte plaatsen hartverwarmende gastvrijheid toe. Ik realiseer me nog sterker dan voorheen dat met open armen ontvangen worden het kostbaarste is wat je overkomen kan. Dat ervoeren we in verre landen, maar ook in Nederland, toen we even terug waren. Daarnaast is er de eenvoud die ons gevonden heeft. Dag in dag uit ontdekken we hoe weinig we eigenlijk nodig hebben om een goed leven te leiden. Barbara en ik hebben beiden een bak met wat kleding en andere zaken: het is meer dan genoeg voor een comfortabel en overzichtelijk leven.

Gegeven vertrouwen onderweg: de honesty box, Lewis, Schotland.

Nieuwe toekomst

Nu we begonnen zijn aan de laatste weken van onze reis, hebben we helder voor ogen dat we ‘gastvrijheid’ en ‘eenvoud’ niet zomaar willen loslaten. We willen ze een grote plek gaan geven in ons leven. Hoe? Door een plaats te creëren waar beide woorden centraal staan. Hoe mooi is het om aan een tastbare plaats te werken waar je welkom bent om op adem kunt komen? Waar je even bij kunt komen van alle hectiek? Hoe mooi is het om een plaats te hebben waar je talenten kunt oefenen, waar dingen mogen mislukken, waar niets hoeft en waar je gewoon in alle eenvoud mag zijn zoals je bent? Heel mooi volgens ons. Nu op zoek naar een plek om deze droom niet te dromen maar te leven. We hebben heel veel zin in onze terugkomst.

– Thijs –

Mijn kleine ik

In de voorbereiding was het best een avontuur om op weg te gaan. Van alles regelen, keuzes maken: wat nemen we mee en wat niet? Voor een tijdje vrienden en familie missen. Even geen projecten aannemen. Maar eenmaal op weg, voelde het al snel natuurlijk om samen in ons busje te reizen en te leven. Al blijft het ook speciaal en luxe voelen om dit reizen zonder planning en agenda ‘zomaar’ een tijd te kunnen doen. Ik doe iets wat, voor mij (voor ons), bijzonder is.

Door zo’n lange tijd door Europa te reizen, reizen we automatisch door allerlei tijdperken. Zo zagen we Keltische cirkels aan de Atlantisch oceaan in Galicië (Spanje) uit een oud en vergeten verleden. Soortgelijke cirkels zagen we een paar maanden later ook terug in Schotland. Oude plaatsen ver van elkaar verwijderd, maar in zienswijze verwant.

Castro de Baroña, Galicië, Spanje

Ook zagen we sporen van strijd: Hadrian’s Wall in Noord-Engeland uit de Romeinse tijd en het tapijt van Bayeux in Normandië over de Franse (Normandische) invasie in Engeland, iconisch verbeeld in de slag bij Hastings. We zagen in dezelfde streek ook de sporen van de Tweede Wereldoorlog, door de D-Day invasiestranden te bezoeken. Het besef van al die jonge mannen die met elkaar in gevecht raakten en het leven lieten, maakte ons stil.

D-Day invastiestrand Normandië, Frankrijk

Op tal van plaatsen heeft de ene cultuur zijn sporen over die van de andere gelegd. In Butrint (Albanië) waren Romeinse resten over de oudere Griekse beschaving gelegd. Het Romeins amfitheater was op zijn beurt aangevuld met een recentere Venetiaanse toren. Binnen een paar honderd meter reisden we honderden jaren door de tijd.

Butrint, Albanië

In Oost-Europa zagen we tal van overblijfselen uit het communisme. Een megalomaan gebouw in Bulgarije dat zo in een film van James Bond had kunnen voorkomen, bijvoorbeeld. Door gesprekken met mensen beseften we dat het voorbije communistisch regime nog steeds veel invloed heeft op het huidige leven.

Buzludzha monumentet. Pametnik, Bulgarije
Toegang tot het Buzludzha monument

Ik vind het boeiend om een langere tijd achter elkaar Europese geschiedenis, van ver weg en dichtbij, op ongedwongen wijze te ervaren. Door ergens in een land of stad te zijn, verdiepen we ons haast als vanzelf in daar voltrokken gebeurtenissen en sporen. Vaak om uit te zoeken ‘hoe het ook alweer zat’, duiken we digitaal in het verleden. Menigmaal bekijken we Wikipedia of een filmpje op YouTube.

Overnachten binnen de muren van Castle of Basthove, Albanië

Naast het informatieve aspect, merk ik ook dat al deze ervaringen onderweg, door al die verschillende tijdsperiodes heen, mijn eigen aardse bestaan relativeren. Ik besef mij hoe kort we eigenlijk maar op aarde zijn, als ik op al die historische plekken sta. Ook bedenk ik mij dan hoeveel er al eerder door mensen bedacht is, hoeveel ambities er zijn vormgegeven, hoeveel er is gevochten en hoeveel er is liefgehad.

Op die momenten voel ik dat mijn ‘kleine ik’ onderdeel is van een grote diverse wereld. Dat mijn ‘ik’ en het ‘nu’ staan in een onmetelijke geschiedenis. Door deze reis besef ik me dat meer dan ooit. Dat is een mooi en duurzaam geschenk wat ik zeker mee wil nemen.

– Barbara –

Kleine Barbara in het prachtige Zvërnec, Albanië

Gastvrijheid zonder grenzen

We hebben een appartementje gehuurd in een buitenwijk van Ohrid in Macedonië. Het regent een paar dagen. De accommodaties zijn hier in Oost-Europa zo goedkoop, dat we bij veel regen zo nu en dan een paar dagen ergens binnen verblijven. Het appartementje kost ons vijftien euro per nacht. Alles is aanwezig: badkamer, verwarming en een keukentje. Het is klein, maar onze bus past er drie keer in. We voelen ons dus enorm rijk. Voor ons is het weinig geld, voor de eigenaren is het ongetwijfeld een goed bedrag.

Het regent al de hele dag. We hebben weken zon gehad, dus we klagen niet en vermaken ons prima binnen met lezen, schrijven en muziek luisteren. We maken ons aan het einde van de middag op om toch even de benen te streken. Zodra we buiten komen, zegt de eigenaar iets als fish en wine. We gaan maar terug naar binnen en wachten af. Dan komen de gastvrouw en –heer met een schaal vol gebakken sardientjes, ajvar (een soort paprika-aubergine spread), brood, olijven, wortelsalade, een liter wijn en gevulde pannenkoekjes na. Een hartverwarmende verrassing op deze grijze dag.

In Orhid, Macedonië

Het echtelijk bed en gloeiende kooltjes

En zo viel ons onderweg al veel vaker gastvrijheid toe. In Warschau sliepen we in de slaapkamer van een wandelvriend die Thijs vorig jaar tijdens zijn lange wandeltocht ontmoette in Schotland. Hij en zijn vrouw slapen die nacht op de bank. Protesteren helpt niet. Eerder hadden zij al de rekening betaald van het etentje in een restaurant. Niet lang daarna zijn we in de Roemeense stad Timisoara. De wasmachine die we daar gebruiken mogen we absoluut niet betalen. “No, no! You are our guests.” Weer wat later gaan we op een regenachtige dag in Gjirokastër – een prachtige en oude Albanese stad – een restaurant binnen. De houtkachel is aan. Vrijwel meteen worden er gloeiende kooltjes uit de kachel geschept en op een schaal naast onze tafel gezet. We hebben daar een heerlijke middag in de warmte gezeten en bovendien erg lekker gegeten.

Gloeiende kooltjes in een restaurant in Gjirokastër, Albanië

Haarspeldbochten in hoge snelheid

Een paar dagen terug was er een weg afgesloten vanwege wegwerkzaamheden (verwacht in Albanië geen volautomatische seinsystemen om je hiervoor te waarschuwen). Op de hobbelige omleidingsroute was echter een ongeluk gebeurd, waardoor we moesten omdraaien. We hadden geen idee hoe we op onze bestemming moesten komen. (Google maps is lang niet altijd nauwkeurig in dit land.) Een Albanese man bood aan dat we achter hem aan konden rijden, hij moest naar dezelfde bestemming. Dat was best een uitdaging: bijna geen Albanees houdt zich aan de maximum snelheid. Daardoor weten we nu dat onze bus ook haarspeldbochten in hoge snelheid kan nemen. Toen we na een tijdje aangaven dat we de route wel wisten en dat hij op eigen snelheid door kon rijden, en wij dus ook, stond hij er op dat we ergens koffie gingen drinken én dat hij betaalde: “that’s our tradition”, zei hij. Een leuk en interessant gesprek volgde.

 

We volgen, in hoge snelheid, de vriendelijke Albanese man

En nu zijn we in Ksamil, een badplaats aan de kust van Albanië. Daar regent het flink, waardoor we er twee nachten in een appartementje zitten. Bij aankomst worden we in de prachtige tuin verwelkomd met koffie en raki. Aangevuld met mandarijnen, vers geplukt uit eigen boom.

Ontvangst met koffie, raki en verse mandarijnen, Ksamil, Albanië

Natuurlijk weet ik dat in sommige andere landen de gastvrijheid met spijs en drank voor vreemden meer aanwezig is dan in Nederland. Maar wat mij raakt is de vanzelfsprekendheid. Het is normaal om gastvrij te zijn. Er wordt geen groot ding van gemaakt. Het is onderdeel van het leven. Je bent goed voor je gasten, punt. We zien het overal in Oost-Europa, maar vooral in Albanië valt het ons extra op. In een review over ons huidige plekje zegt iemand: “Als je het adres gevonden hebt denk je waar ben ik nu weer terecht gekomen. Maar eenmaal in de tuin krijg je een heel ander gevoel: thuis.” Dat gevoel van thuis, dat is voor mij de kern: door de gastvrijheid onderweg, het gevoel van welkom zijn, voel ik mij thuis, waar ik ook ben.

– Barbara –

In het wild

Het is rond de klok van zeven. Ik schuif het gordijntje opzij en kijk over de Adriatische zee. De eerste zonnestralen vallen zachtjes op het blauwgroene water: a million dollar view. En dat helemaal voor niets. Twee dagen terug hebben we ons busje neergezet op een hoge rots aan de Albanese kust. We worden vergezeld door het ruisen van de zee en een herder die zo nu en dan voorbij komt met zijn geiten en honden. Verder is het stil, verder is er niets. En daarmee alles wat we kunnen wensen.

Ontbijt met uitzicht, Zvërnec, Albanië.

Binnen en buiten

Dagen in het wild zijn pareltjes. We hebben het geluk dat we er al heel wat hebben mogen ervaren. Met name in Schotland waren ze eerder regel dan uitzondering. Zo dichtbij de natuur ervaren we onze omgeving anders. De wind, de zon, maar ook de regen: ze zijn veel meer aanwezig in een kleine ruimte. Buiten is daardoor veel meer binnen. Tegelijkertijd zijn wij ook veel meer buiten.

Zvërnec, Albanië.

Zo merk je dat regenbuien vaak maar van korte duur zijn en dat je ook op regenachtige dagen vaak uitstekend kunt wandelen. Als je de tijd neemt valt er daarnaast veel te zien: zo zagen we in Bulgarije ijsvogels pijlsnel voorbij scheren boven een heldere rivier en een groene specht met een machtige rode kop van heel dichtbij. In Griekenland tuurden we met een verrekijker naar pelikanen en flamingo’s. Stuk voor stuk momentjes van schoonheid die ons blijven toevallen.

Aan het meer Limni Kerkinis, Griekenland.

Telkens afstemmen

Met de zon die steeds eerder achter de horizon verdwijnt, zijn de dagen telkens iets korter. Iets na vieren ’s middags zinkt de zon nu al weg in de Albanese zee. Het maakt de avonden en nachten lang en dat is niet altijd gemakkelijk op de “vierkante meter”. Het is een heel contrast met de lichte zomermaanden in het noorden van Europa waar de zon eindeloos leek te schijnen. We slapen daardoor nu veel meer dan in de zomer en stemmen ons onbewust af op het ritme van het licht: vroeg naar bed, vroeg uit de veren.

Lange avonden met helder maanlicht, Zvërnec, Albanië.

In je vezels

Het effect van buiten slapen merk je pas weer als je binnen bent. Zo slapen we sinds lange tijd ook weer wat vaker tussen vier muren. Met name als we een stad bezoeken boeken we weleens een hostel of een klein pension. Het is een welkome afwisseling, helemaal als de dagen grijs en nat zijn. Hoewel eenvoudig en goedkoop, is het comfort weldadig. Maar toch is er een gemis en word ik soms wakker met een beklemmend gevoel. De frisse lucht en het weidse uitzicht zijn in onze vezels gaan zitten de afgelopen tijd. Het is een onverwacht geschenk op een bijzondere reis. Een geschenk dat we zeker na terugkomst een blijvende plek willen geven in ons leven. Hoe? Daarop zijn we aan het broeden met onze terugkomst al in zicht.

– Thijs –

 

Beide benen op de grond

We reizen op budget. Dat is echt anders dan vakantie. De vanzelfsprekendheid van restaurantjes hebben we ingewisseld voor het vertrouwde ritme van zelf koken. Natuurlijk worden we wel eens in de verleiding gebracht en eten we buiten de deur – we willen de smaken van de landen waardoorheen we reizen zeker proeven – maar in de meeste gevallen koken we op de “vierkante meter”.

Worstlucht cultiveren

Koken met een budget vraagt om een beetje planning. Zo gaan we ongeveer een keer per week naar de supermarkt en kopen dan zo’n beetje alles wat we nodig hebben. Een hard principe is het niet, maar in de praktijk blijken we bijna geen vlees te kopen. Het hoofdbestandsdeel van onze maaltijden bestaat uit groenten. Dat bevalt ons prima. Het is goed voor dier en land en het voorkomt ongewenste luchtjes. Zo bakten we een tijdje terug in Polen een worstje in de bus (lokale lekkernij, natuurlijk proeven!) De katoenen daktent stond omhoog en was een beetje nat van wat motregen. De ideale omstandigheden, ondervonden wij tot onze spijt, om worstlucht te cultiveren. Dagen later werden we nog wakker in een aroma dat ons direct terugbracht naar ons vleselijke avondmaal.

Ontnuchterende ontmoeting

Een paar dagen terug was het wederom tijd om onze voorraad aan te vullen. In het zuiden van Roemenië draaiden we in een klein stadje een parkeerplaats op. Na een minuut of twintig kwamen wij de winkel uit met een voldaan gevoel. Eten en drinken – alles lag in ons karretje voor de week die komen ging. Ons gevoel van voldoening liep echter een flinke deuk op door bedelende kinderen die al snel op ons afkwamen. Van het een op het andere moment kreeg ik een opgelaten gevoel. Barbara en ik willen elkaar geregeld doen geloven dat we “eenvoudig” onderweg zijn, maar probeer dat maar eens vol te houden in het bijzijn van deze kinderen. Bij onze auto stond een klein jongetje, zijn kleding versleten, geen veters in zijn schoenen. Terwijl wij het eten en drinken in onze auto pakten gaf ik hem een appel die hij direct aannam en opat. Ook het karretje met muntje bracht hij maar wat graag terug. Een ontnuchterende ontmoeting.

Zelf opgelegde primitiviteit

Een goede vriend schreef mij onlangs: ‘Natuurlijk is wat jullie doen extreme luxe. Je reist door Europa in een busje alsof je arm bent, maar je bent rijk – je kúnt doen wat je doet, omdat die voorwaarden door de West-Europese cultuur geschapen zijn.’ Het zijn ware woorden. Onze reis is ‘zelf opgelegde primitiviteit’ en een ‘vrije keuze’. Raak, in de roos.

De woorden van mijn vriend en de ontmoetingen onderweg: ze plaatsen de dingen in perspectief. Ze doen me beseffen hoe rijk we zijn. Ik voel me bevoorrecht met ons budget. ‘De hemel in een busje’ zei Huub van der Lubbe – zanger van de De Dijk – eens. En zo is het in ons geval maar net.

– Thijs –

Ons blaffend welkomstcomité

Van sommige landen heb je een voorstelling, van andere veel minder. Voor mij is zo’n onbekend land Roemenië. Natuurlijk, ik heb er wel iets van beeld bij. Maar al met al niet veel. Het hoort bij de Europese Unie, het heeft een wilde natuur en het ligt aan de andere kant van Europa. De streek Transsylvanië roept daarnaast allerlei beelden op van Dracula. Al blijkt de gelijknamige iconische film van Bram Stoker – hoe ironisch – heel ergens anders geschoten te zijn. Verder moet ik het tot mijn schaamte doen met lelijke vooroordelen. Je hoort wel eens wat over gestolen auto’s die richting deze contreien verdwijnen. Althans, dat wordt gezegd.

Geen weg terug

Mijn onwetendheid en vooroordelen sneuvelden op een warme herfstmiddag als sneeuw voor de zon. Dichtbij de Transsylvanische stad Sibiu besloten we op een middag een mooie wandeling te gaan maken in de heuvels. Via een steil pad kronkelden we steeds hoger de heuvels in. Verre uitzichten over de omgeving, maakten plaats voor doorkijkjes door beukenbossen gehuld in prachtige kleuren. Eenmaal boven liepen we tussen golvende weilanden met her en wat verlaten huisjes. Veel activiteit was er niet: een grazend paard in een zee van zon.

Nadat we de kronkelweg door de weilanden wat verder gevolgd waren, bleken we toch minder alleen dan gedacht. Op het moment dat we tevoorschijn kwamen achter een klein heuveltje snelde een waar welkomstcomité ons tegemoet. Zeven grote honden naderden ons wild blaffend in sneltreinvaart. Omkeren kon niet meer. Wegrennen evenmin. In een kwestie van seconden stond de roedel om ons heen, de tanden ontbloot, klaar voor de confrontatie. Toen zagen we in de verte iemand aansnellen. Het was een oude boer die zijn honden tot de orde riep en ons met handgebaren kenbaar maakte dat we gewoon door konden lopen.

Onverwacht welkom

Misschien dat hij zich wat schaamde voor het kordate optreden van zijn honden, hoe dan ook nodigde hij ons uit voor een kop thee bij zijn eenvoudige huisje in de heuvels. De welkome toon van de boer transformeerde de roedel tot een uitgelaten escorte. Kwispelend en opgetogen verwelkomden ze ons in hun territorium. Een plek waar, zo bleek later, wandelaars een zeldzaamheid zijn.

Elkaar verstaan ging moeilijk. Dat kenden we al uit een eerdere kleurrijke ontmoeting in Polen. Toch kwamen we redelijk snel behoorlijk wat over de boer te weten. Hij bleek halverwege de zeventig te zijn en in een eerder leven als vrachtwagenchauffeur door communistisch Europa te hebben gereden. Sinds een paar jaar woonde hij hier boven in de heuvels. De honden waren voor hem aangenaam gezelschap aangezien zijn vrouw was overleden. Bovendien waren ze ideaal om de beren in het gebied op afstand te houden.

Hartelijkheid en eenvoud

We waren geraakt door het eenvoudige en toch ook harde bestaan van de man. Maar ook door zijn vriendelijkheid en generositeit. Toen we een klein uurtje later weer op weg gingen gaf hij ons wat munt mee voor de thee. Zelf aangeplant bij het beekje dat langs zijn huis stroomt. Ook stopte hij ons een appel toe voor de terugweg naar beneden het dal in.

Voordat ik in Roemenië kwam wist ik niets van het land. Na anderhalve week is dat nog steeds weinig. Toch heeft de ontmoeting in de heuvels het land voor mij kleur gegeven. Het heeft iets veranderd. Een vaag gevoel heeft een gezicht gekregen. Een gezicht van welkom, een gezicht van delen.

– Thijs –

Vreemde gezichten

De afgelopen maand hebben we verschillende uithoeken van Polen gezien. Na een warm familiebezoek in het westen reisden we naar de noordelijke stad Gdańsk (het voormalige Danzig). Van daaruit naar de oerbossen in het oosten op een steenworp afstand van de Wit-Russische grens. Na de hoofdstad Warschau te hebben aangedaan in het midden van het land zakten we af naar het zuiden. We bezochten de oude stad Krakau en verbleven de laatste dagen in het Tatragebergte.

Het prachtige berggebied in het zuiden van Polen vormde de afsluiting van een mooie en bewogen maand. We bezochten mooie steden maar ook onwerkelijke plekken. Zo waren we in Mazurië – het noord-oosten van Polen – bij Hitlers Wolfsschanze: een megalomane verzameling van bunkercomplexen waar der Führer verreweg de meeste tijd gedurende de Tweede Wereldoorlog verbleef. Ook bezochten we, nabij Krakau, Auschwitz. Nieuw waren de verhalen die we er hoorden en lazen natuurlijk niet, maar de waanzin en de pijn van deze plaats blijven ieder bevattingsvermogen te boven gaan. Inktzwarte vlekken wennen nooit.

Als op een ander continent

Met het passeren van de Slowaakse grens gebeurde er iets onverwachts. We zagen van het ene op het andere moment tal van mensen met een geheel ander uiterlijk dan dat we tot dan toe hadden gezien in Polen. Blanke Poolse gezichten maakten plots plaats voor donker getinte mensen die er haast Indiaas uitzagen. Tal van dorpen in Midden- en Oost-Slowakije bleken geheel bevolkt door Roma.

Het contrast raakte me. Polen vond ik witter dan wit. Zelfs met een vergrootglas was het zoeken naar een ander tintje. Het platteland van Slowakije leek daarentegen niet op een buurland, maar op een land gelegen op een heel ander continent.

Grote ogen

Wij keken met grote ogen naar de verandering die zich, met het passeren van de grens, binnen een uurtje op haast onwerkelijke wijze voltrok. Huizen maakten plaats voor bouwvallen. Sommige mensen woonden zelfs in krotten, zoals ik ze eerlijk gezegd alleen eerder heb gezien in sloppenwijken. Ik zag een povere levensstandaard die we in Nederland helemaal niet meer kennen.

Tegelijkertijd vielen wij ook op. De vele kinderen op straat, maar ook de ouderen op bankjes keken ons na terwijl wij rustig voorbij sukkelden in ons rode busje. We keken niet alleen naar vreemde gezichten, we waren zelf ook vreemde gezichten. Passanten met een vreemd kenteken. Voor eventjes in een geheel andere wereld.

Één Europa

De plotselinge verandering galmt nog na. In mijn gedachten over Europa bijvoorbeeld. Hoe vanzelfsprekend is de veronderstelde eenheid eigenlijk? Ook deze andere wereld voorbij de Slowaakse grens is Europa. Maar daar sta ik eerlijk gezegd in mijn alledaagse leven in Nederland niet vaak bij stil. Ook schuurt het gelijkheidsprincipe. Hoe gelijk zijn we eigenlijk? Het gemak waarmee wij ons door Europa verplaatsen staat in schril contrast tot al diegenen die worden tegengehouden door harde grenzen. De een heeft toch meer rechten dan de ander. Het is een ongemakkelijk en confronterend gegeven. Ik besef het me meer dan ooit nu we onderweg zijn.

– Thijs –

Tevreden in de kou staan

Het is half acht ’s morgens, de wekker gaat. Een voor een komen we naar beneden, de thermometer geeft drie graden Celsius aan. Buiten ligt er een laag koude dauw over het grasveld waarop ons busje staat. Een schril contrast met het warme zomerweer dat ons zolang vergezeld heeft. Het zou heel koud moeten voelen, maar gek genoeg valt dat wel mee. De afgelopen weken is het in Polen en Slowakije gedurende de nacht steeds wat verder afgekoeld en het lijkt wel alsof we er aan gewend zijn geraakt. Dikke jassen hebben we niet aan. Stevige warme schoenen evenmin.

Onverwacht gemak

Gek is dat. Vooraf maakten we ons een beetje druk over de kou. Maar nu de kou met de Oost-Europese herfst langzaam intreedt, valt het eigenlijk best wel mee. Het zegt volgens mij iets over ons aanpassingsvermogen. Niet zozeer dat van Barbara en van mij, maar dat van mensen in zijn algemeenheid. Vooraf klinken veel dingen wat ongewis, spannend of ongemakkelijk, maar zit je er eenmaal middenin dan gaat het in de meeste gevallen als vanzelf. Het opzien tegen het ongemak is vaak groter dan het gevreesde ongemak zelf. Sterker nog: sommige schijnbare ongemakken blijken onverwachte voordelen te hebben. Zo is ons bed boven  maar 1 meter en 10 centimeter breed. Bij een lengte van 2 meter is dat niet bepaald ruim te noemen. Ook vraagt het de nodige acrobatiek om erin te komen. Vooral de tweede persoon die ’s avonds slapen wil dient behoorlijk wat toeren uit te halen voordat hij geïnstalleerd is. De kleine ruimte is echter wel heel warm. Zelfs rond het vriespunt liggen we warm en behaaglijk in onze daktent. Ik had niet verwacht dat we er met dit koude weer zo heerlijk zouden slapen.

Creatief door schaarste

Aanpassingsvermogen uit zich ook in creativiteit. Zo koken we op kleine gasflessen van Campingaz. Dat is behoorlijk gangbaar in West-Europa. In Oost-Europa is dat echter niet het geval. Sterker nog: hier is het type fles dat precies past in ons busje met geen mogelijkheid te krijgen. Het maakt dat we op allerlei manieren gas proberen te besparen. De afgelopen twee dagen hebben we de kolen van ons bescheiden kampvuurtje gebruikt om aardappels te poffen. Ideeën uit nood geboren zorgen voor lekkere en onverwachte gerechten voor de komende dagen. De jacket potatoes en tortilla wachten al op ons.

Eenvoudig rijk

De dagen dat we nog onderweg zijn slinken snel. Ongetwijfeld zullen we ook snel weer gewend zijn aan tal van gemakken die we in Nederland zo gewoon zijn. Ik kijk al uit naar een eigen douche, stromend warm water en een oven om lasagnes en hartige taarten mee te bakken. Tegelijkertijd hoop ik dat het ons lukt om de eenvoud die we nu ervaren vast te houden. Het is rijkdom te weten met hoe weinig je toekunt. Ons aanpassingsvermogen is een groot geschenk.

– Thijs –