Ontwapenend ontbijt

In een Pools woonhuis bij onze overnachtingsplek sta ik onder de douche. Ik geniet ervan dat de ruimte warm is: veel comfortabeler dan de grote koude wasruimte op een stadscamping bij de stad Gdansk de dag ervoor. Er ligt een föhn, dus ik besluit mijn haar te wassen. Wat een luxe! Heerlijk hoe we zo onderweg het kleine waarderen. Ineens heb ik een binnenpretje. Ik sta hier onder de douche in een huis bij een man die ik niet kan verstaan en die ons zojuist en passant zijn pistool met key cord heeft laten zien dat tussen andere spullen nonchalant op een keukenstoel ligt. Thijs is inmiddels buiten verderop in onze bus. Ik grinnik omdat ik mij dit rationeel realiseer, maar totaal geen angst of iets van een zorg voel. Feit en beleving: het kan soms zo ver uit elkaar liggen.

De camperplaats in de tuin, in Pelnik (Noord-Oost Polen)

Gisteren arriveerden we hier in Pelnik (Noord Polen), een privé-camperplaats in de grote tuin van een woonhuis. Op de app waar we deze plaats gevonden hebben, staan lovende reviews over de eigenaren: hele aardige mensen die ook goed Duits spreken. We komen in het donker aan, een oudere man doet open. Hij spreekt alleen Pools en Russisch. Hij blijkt op het huis te passen van zijn vrienden. Toch kan hij ons goed duidelijk maken waar we mogen staan en waar we water kunnen tappen. Het toilet blijkt in het woonhuis te zijn.

Ietsiepietsie wodka

Nadat we ons geïnstalleerd hebben gaan we alvast betalen. Met Google translate weten wij elkaar een en ander te vertellen. Ineens vraagt hij ons te gaan zitten. Kleine glaasjes komen tevoorschijn en een fles wodka komt op tafel. Met handen, voeten en het vertaalprogramma voeren we een gesprek over van alles. In feite verstaan we elkaar, schat ik in, voor 80% procent niet. Maar de goede intenties van ons alle drie zijn goed voelbaar.

Er komt spek en brood op tafel en de glaasjes wodka worden steeds aangevuld. Mijn ‘ietsiepietsie’ blijkt erg te lijken op het Poolse ‘tietsjie’. En zo kan ik toch steeds mee proosten. Na zdrowie! Wat een fijn ontvangst. Voldaan en opgewarmd gaan we naar ons busje, waar de temperatuur inmiddels gedaald is tot zo’n 6 graden.

De koffie is klaar, de tafel gedekt

De volgende dag zit Pjotr buiten op zijn veranda. Hij zegt coffee? Ik probeer uit te leggen dat we graag koffie met hem drinken na ons ontbijt. ‘Nej! Nej!’ zegt hij. Hij loopt met mij mee naar de keuken. De koffie is al klaar, de tafel gedekt met schaaltjes met vleeswaren en tomaat met bosui. Deze gastvrijheid hadden we eerder al toen we aankwamen in Polen bij mijn Nederlandse oom die met een Poolse vrouw getrouwd is. Ook daar was de ontbijttafel met toewijding en aandacht gedekt. En zo zitten Thijs en ik weer aan Pjotr’s tafel.  Ondertussen bakt hij nog een eitje voor ons. We bedanken hem steeds, dziękuję. En hij geeft steeds als antwoord terug ‘no no it is my satisfaction!’. We praten wederom over van alles, vele Poolse woorden komen op ons af. En hij laat dus even zijn pistool zien. Niet om te pochen. Nee, gewoon om te laten zien. Hij biedt de douche aan en staat er op dat we zijn handdoeken gebruiken.

De gesprekken die we met hem hebben, is een mooi contrast met onze taalervaringen in Spanje waar ik eerder over schreef. Toevallig las ik vandaag een artikel in de NRC dat de ontwikkeling van de taalcomputer hard gaat. Dat heeft veel voordelen. Maar toch, ik zou dat onverstaanbare Pools en daardoor de goede en warme intentie die in de lucht hing niet hebben willen missen.

– Barbara –